dhr. / m. / mr.

De heer wordt als dhr. afgekort. Voor meneer en mijnheer wordt de afkorting m. gebruikt. Als afkorting van meneer en mijnheer wordt soms ook mr. gebruikt, maar dat is niet aan te bevelen omdat mr. ook de afkorting van meester (in de rechten) is. Het is aan te bevelen meneer, mijnheer en de heer voluit te schrijven.

Hebt u een taalvraag?

Nieuwsbrief krijgen?

  • vraag & woord van de week
  • wekelijks in uw mailbox
  • meer dan 12.000 abonnees

Spellingtests

  • ontdek hoe goed u spelt
  • geen exotische kwesties
  • meteen feedback

Volg ons