wijzelf / wij zelf, onszelf / ons zelf

Alle vormen zijn correct, maar er is een verschil in gebruik. Zelf wordt aan het persoonlijk voornaamwoord wij vast geschreven als het een versterkende functie heeft.

  • Wijzelf hebben daar geen last van.
  • Iedereen zag dat we overwerkt waren, maar wijzelf hadden het niet door.
  • We hebben een elektricien gebeld omdat wijzelf die lamp niet kunnen herstellen.

Zelf kan ook deel uitmaken van het wederkerend voornaamwoord onszelf. Het wordt dan als één woord geschreven.

  • We trakteren onszelf op een heerlijke cappuccino.
  • We hebben het onszelf aangedaan.
  • We willen ook eens iets voor onszelf doen.

Zelf kan een apart woord zijn dat volgt op het voornaamwoord wij of ons. De twee woorden krijgen dan een aparte klemtoon. Er kan een korte pauze vóór zelf komen. Zelf heeft de betekenis 'persoonlijk, op eigen houtje, eigenhandig'.

  • Omdat de taxi niet kwam opdagen, zijn wij zelf achter het stuur gekropen.
  • Omdat we weinig steun krijgen, spreken we ons zelf maar wat moed in.

Taaladvies.net
Je zelf / jezelf

Hebt u een taalvraag?

Nieuwsbrief krijgen?

  • vraag & woord van de week
  • wekelijks in uw mailbox
  • meer dan 13.000 abonnees

Spellingtests

  • ontdek hoe goed u spelt
  • geen exotische kwesties
  • meteen feedback

Volg ons